Mijn Certificatie

Intercollegiale toetsing

08 september 2020

Onder druk van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) dienen (aankomende) certificaathouders (sinds 2016) invulling te geven aan intercollegiale toetsing. Dat betekent dat alle certificatie-aanvragers, dus voor zowel initiële aanvragen als hercertificatie, moeten aantonen dat zij deel hebben genomen aan intercollegiale toetsing (ICT). 

Waarom moet dit nu ineens? Omdat het in de wetgeving staat. Maar daarmee houden de eisen in de wetgeving met betrekking tot ICT ook meteen op. In de wetgeving is niet gedefinieerd hoe groot de ICT-groep moet zijn. Ook worden geen eisen gesteld aan de samenstelling van de ICT-groep. 

Wat wordt er nu verwacht van de certificatie-aanvrager met betrekking tot intercollegiale toetsing? In het portfolio moeten vier casus worden ingebracht die zijn besproken in een ICT-groep. In het sjabloon van het portfolio is ruimte om het verslag van de ICT bijeenkomst vast te leggen, maar het verslag mag ook als bijlage worden bijgevoegd bij het portfolio. Een verslag van de ICT bijeenkomst bevat een datum, plaats, deelnemers en een korte beschrijving van het besprokene (de mogelijke verbetervoorstellen met betrekking tot de casus).
Dus zorg er voor dat voor elke casus in het portfolio het volgende is ingevuld:

  • Alle leervragen.
  • Een verslag van de ICT bijeenkomst.
  • Alle verbeteracties.
  • Resultaat van de ondernomen acties.
  • De complete adviezen, rapporten, verslagen die bij de casus horen zijn bijgevoegd bij het portfolio.

Vul natuurlijk ook de andere categorieën (voorblad, compilatie en de matrix) in het sjabloon portfolio in.
Op deze wijze kan redelijk eenvoudig invulling worden gegeven aan de wettelijke verplichting tot het bijwonen van bijeenkomsten intercollegiale toetsing.